Stel je vraag
1

Chemie reeks A 4.1 vraag 9

asked 2019-05-14 10:34:31 -0500

Tinne.Wilms gravatar image

Thibaut beschikt over een fles met 1,00L NaOH aan 2,50mol/L. Voor een experiment heeft hij een concentratie van 0,200mol/L nodig.

Hierbij heb ik de verdunningsregel gebruikt waarbij ik kom op: 12,5L -> 0,200mol/L

Nu begrijp ik niet goed hoe ik verder moet... hoe bepaal je de combinatie van pipet en maatkolf?

Alvast bedankt!

edit retag flag offensive close merge delete

1 answer

Sort by ยป oldest newest most voted
0

answered 2019-05-14 11:40:39 -0500

Koen@REBUS gravatar image

Om deze opgave op te lossen dien je de verschillende mogelijkheden af te toetsen.

Het aantal mol NaOH in je pipet moet gelijk zijn aan het aantal mol NaOH in je maatkolf.

Kan je nagaan voor welk van de 4 mogelijkheden dat het geval is.

Lukt het op deze manier?

edit flag offensive delete link more

Bespreking:

Mmh, ik heb de oplossing nog niet gevonden. Klopt het dat je eerst de verdunningsregel toepast? Waarbij je 12,5L -> 0,200mol/L uitkomt? Hierbij heb ik dan het aantal mol gezocht -> maar dat is (12,5L . 0,2 ) = 2,5 mol (wat al in de opgave staat)

Tinne.Wilms ( 2019-05-14 12:53:38 -0500 )edit

Is oplossing A correct? Thibaut neemt met de pipet 25 ml uit de fles NaOH met een concentratie van 2,5 mol/l en brengt die hoeveelheid over in een maatkolf van 250 ml waarna hij aanlengt met water tot 250 ml. Is het aantal mol dat hij in zijn pipet had gelijk aan deze in de maatbeker? Indien ja = OK

Koen@REBUS ( 2019-05-14 16:10:46 -0500 )edit

Ahja, ik denk dat ik het gevonden heb. Antwoord B; Als je C1 . V1 = C2 . V2 doet, krijg je hier; 2,50mol/L . 0,02L = x . 0,25L dit geeft -> (2,50mol/L . 0,02L) / 0,25L = 0,200 mol/L -> dit is de eindconcentratie die hij wilt.

Tinne.Wilms ( 2019-05-15 02:40:51 -0500 )edit

Geef een antwoord

Geef een antwoord

[verberg preview]
Eureka

Question Tools

Follow
1 follower

Statistieken

Datum: 2019-05-14 10:34:31 -0500

Aantal keer gelezen: 61 keer

Laatst gewijzigd: May 14