Stel je vraag
0

Wiskunde 1.1.6/1.1.8

asked 2016-06-23 09:46:47 -0500

Alexander.Callebaut gravatar image

Ik begrijp niet zo goed hoe je dit soort van vragen moet oplossen.

edit retag flag offensive close merge delete

4 answers

Sort by » oldest newest most voted
1

answered 2017-10-03 13:19:12 -0500

Samira.Ghaznawi gravatar image

Voor eerste kom ik c+2b+4a=7

voor tweede c+a+b=4

voor derde (b+3a)x+ c-2a

stelsel oplossen geeft 3x+1

edit flag offensive delete link more

Bespreking:

Ik kwam de eerste 3 ook uit, maar wist niet hoe ik verder moest. Heb het nu wel gevonden. Bedankt voor de hulp!

Sam.Nijssen ( 2017-10-04 07:47:31 -0500 )edit

graag gedaan.

Samira.Ghaznawi ( 2017-10-04 11:57:50 -0500 )edit
0

answered 2017-10-02 14:16:49 -0500

Sam.Nijssen gravatar image

Weet iemand wat de oplossing is van oef 1.1.6?

edit flag offensive delete link more

Bespreking:

ik kom 3x+1 uit als oplossing

Samira.Ghaznawi ( 2017-10-03 13:14:58 -0500 )edit
0

answered 2016-06-23 10:03:48 -0500

Myriam@REBUS gravatar image

1.1.6 als voorbeeld: Je maakt een algemene tweedegraadsvergelijking: ax² + bx + c en Euclidisch delen door (x-2). De rest stel je gelijk aan 7. Je deelt dezelde tweedegraadsvergelijking Euclidisch door (x-1) en stelt dat gelijk aan 4. De beide resultaten groepeer je in een stelsel en hieruit kan je info vinden om de laatste deling op te lossen.

edit flag offensive delete link more
0

answered 2016-06-23 14:30:57 -0500

updated 2016-06-23 14:34:22 -0500

Een kortere manier is om de rest van de deling van de 2de graadsdeler te schrijven als $ax+b$. Deze rest delen door de ene 1ste graadsdeler en ook een door de andere 1ste graadsdeler geeft je 2 vergelijkingen om de $a$ en de $b$ te bepalen (voorwaarden op de rest).

Bij 1.1.6 is $ax+b$ de gevraagde rest. Voor 1.1.8 pas je dezelfde techniek toe, maar daar is de rest van de 2de graadsdeler al gegeven in de opgave. Het volstaat deze te delen door de 1ste graadsdeler waarvan de rest is gevraagd en je hebt het antwoord met slechts een korte veeltermdeling.

De reden dat dit werkt (maar dat hoef je niet te kunnen afleiden) , volgt uit: De te delen veelterm kan ontbonden woorden in een quotient $Q(x)$ na deling door de 2de graadsveelterm (die een product is van de twee 1ste graadsdelers) en een eerste graads rest $ax+b$ (de rest is steeds van een graad lager dan de deler): $Q(x) (x-d_1)(x-d_2) + ax + b$

De rest $ax+b$ delen door de 1ste graadsdeler geeft $ax+b=q_1(x-d_1) + r_1$ waarmee we ook de deling van de oorspronkelijke veelterm kunnen herschrijven door afzonderen van de factor $(x-d_1)$ als $[Q(x)(x-d_2) + q_1](x-d_1) + r_1$ en zo zien we dat $r_1$ ook de rest is van de deling van de oorspronkelijk veelterm door deze 1ste graadsdeler.

edit flag offensive delete link more

Geef een antwoord

Geef een antwoord

[verberg preview]
Eureka

Statistieken

Datum: 2016-06-23 09:46:47 -0500

Aantal keer gelezen: 133 keer

Laatst gewijzigd: Oct 03 '17